De Belgische lingeriegroep Van de Velde heeft in 2024 een lichte daling in zowel omzet als winst moeten bekennen. Vooral in de eerste helft van het jaar verliep de verkoop in de zelfstandige boetieks stroef.
Schril contrast
De omzet daalde vorig jaar met 2,3% tot 206,4 miljoen euro, terwijl de nettowinst afnam van 33,6 miljoen euro in 2023 naar 32,0 miljoen euro in 2024. De directe verkoop aan consumenten steeg met 11,3%, voornamelijk dankzij digitale kanalen. De (veel grotere) groothandelsomzet daalde wel met 7,1%, mede door een significante terugval in de verkoop van badmode in de eerste helft van het jaar.
Ondanks deze uitdagingen blijft Van de Velde investeren in merkdiversificatie en logistieke ondersteuning. Zo transformeerde het merk Andres Sarda zich tot Sarda in september, terwijl Van de Velde vanaf dit jaar als een van de eerste modebedrijven zal rapporteren volgens de nieuwe Europese CSRD-richtlijnen. Die uitgebreide rapportage over duurzaamheidsinspanningen ziet het bedrijf als een strategisch instrument voor de lange termijn.
Het bedrijf blijft ook optimistisch over de toekomst, gesteund door de sterke marktpositie van merken zoals PrimaDonna en Marie Jo in de Benelux en Duitsland, en kijkt voor hernieuwde groei vooral naar de transitie van fysieke naar digitale verkoop. Bij een derde van de onafhankelijke lingerieboetieks stabiliseert de verkoop immers, de rest boert langzaam verder achteruit. “Elk jaar doet ook 3% van de winkels de deuren dicht. Daarom willen we dat onze producten aanwezig zijn op meer digitale kanalen, met in meer landen een aparte webshop voor elk van onze merken”, zegt CEO Karel Verlinde aan De Tijd.